Wat is een CD?
Een CD (Compact Disc) is een ronde, platte en vrij fragiele schijf die gemaakt is van kunststof. Op een CD wordt digitale informatie opgeslagen. Dit kan bijvoorbeeld muziek zijn, maar ook documenten, foto's of computerprogramma's. Een CD heeft meestal een diameter van 12 centimeter en een klein gat in het midden. De onderkant ziet er vaak zilverkleurig uit en kan een regenboogachtige glans hebben wanneer er licht op schijnt. De informatie op een CD wordt opgeslagen in hele kleine, onzichtbare puntjes in een spiraalvormige baan over de schijf lopen. Deze puntjes noemen we 'pits' en 'lands'. Ze zijn zo klein dat je ze et het blote oog niet kunt zien. Een CD-speler of computer leest deze informatie met behulp van een laser. De laser schijnt op de onderkant van de CD en vangt de weerkaatsing op. Op basis daarvan wordt de digitale informatie omgezet in bijvoorbeeld muziek die je kunt horen via luidsprekers. Een standaard CD kan ongeveer 700 MB aan gegevens opslaan. Dat is genoeg voor circa 80 minuten aan muziek. CD's waren vooral populair in de jaren 90 en begin 2000. Tegenwoordig worden ze minder gebruikt, omdat veel mensen muziek en bestanden online opslaan of streamen.
Waarom waren CD's populair?
-
Betere geluidskwaliteit dan cassette Een CD slaat muziek digitaal op.
Waardoor het geluid helderder en zuiverder is dan bijvoorbeeld cassettebandjes, daar hoorde je vaak ruis. Maar bij een CD (bijna) niet.
-
Je kon nummers skippen.
Bij een cassettebandje moest je vooruit of terugspoelen om een bepaald liedje te vinden. Met een CD kan je meteen naar het volgende of juist vorig liedje gaan met de knopjes. Dat is veel eenvoudiger en beter.
-
Langere levensduur.
Omdat cd's gemaakt zijn van harde kunststof gaan ze veel langer mee dan een cassettebandje dat van zijn fragiele bandje afhangt.